
Is een vzw onderworpen aan de wetgeving overheidsopdrachten?
Is een vzw onderworpen aan de wetgeving overheidsopdrachten?
Veel organisaties gaan ervan uit dat enkel klassieke overheden – zoals steden, gemeenten of overheidsdiensten – de regels inzake overheidsopdrachten moeten naleven. Toch kan ook een vzw onder bepaalde omstandigheden als aanbestedende overheid worden beschouwd.
De kwalificatie gebeurt op basis van een aantal criteria uit de Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten.
Wanneer valt een vzw onder de wetgeving overheidsopdrachten?
- Behoefte van algemeen belang die niet van industriële of commerciële aard is.
De organisatie voorziet in een behoefte van algemeen belang die niet van industriële of commerciële aard is. Dit criterium wordt in de rechtspraak zeer ruim geïnterpreteerd. Niet de statuten zijn doorslaggevend, maar de feitelijke activiteiten.
Wanneer een organisatie taken uitvoert die nauw verbonden zijn met openbare dienstverlening, kan al snel sprake zijn van een behoefte van algemeen belang.
Belangrijk: de “infectietheorie”
Een opvallend principe uit de Europese rechtspraak is de zogenaamde infectietheorie.
Dit betekent dat één enkele activiteit van algemeen belang voldoende kan zijn om een volledige organisatie onder de regelgeving overheidsopdrachten te brengen. Zelfs wanneer de overige activiteiten wel commercieel van aard zijn.
- De organisatie beschikt over rechtspersoonlijkheid
Voor vzw’s is dit doorgaans geen discussiepunt.
- Er is sprake van bijzondere overheidsinvloed
Dit kan blijken uit één van de volgende elementen:
- meer dan 50% overheidsfinanciering (financieringsbasis moet worden beoordeeld op jaarbasis),
- toezicht op het beheer door de overheid, of
- meer dan de helft van de bestuurders wordt door de overheid benoemd.
Het volstaat dat één van deze vormen van overheidsinvloed aanwezig is om aan dit criterium te voldoen.
Wanneer valt een vzw niet onder de wetgeving?
In de praktijk blijkt vaak dat een vzw wel activiteiten van algemeen belang uitvoert, maar geen voldoende sterke band met de overheid heeft.
Bijvoorbeeld wanneer:
- de organisatie voornamelijk inkomsten ontvangt via vergoedingen voor concreet gepresteerde diensten,
- er geen structurele overheidssubsidies zijn,
- en de overheid geen meerderheid heeft in het bestuur of geen beslissende controle uitoefent.
In dat geval zal de vzw doorgaans niet als aanbestedende overheid worden beschouwd.
Gesubsidieerde opdrachten
Zelfs wanneer een vzw geen aanbestedende overheid is, kan de wetgeving toch van toepassing zijn als volgende voorwaarden cumulatief voldaan zijn:
- een geraamd opdrachtbedrag heeft dat gelijk is aan of hoger ligt dan de Europese drempelwaarde (Werken: 5.404.000 euro; Diensten: 216.000 euro)
- voor meer dan 50% rechtstreeks gesubsidieerd wordt door een aanbestedende overheid; én
- betrekking heeft op werken van civieltechnische aard (zoals ziekenhuizen, sportinfrastructuur, scholen of administratieve gebouwen) of op de daarmee verbonden diensten.
Conclusie
Niet elke vzw valt automatisch onder de wetgeving overheidsopdrachten. De kwalificatie hangt af van een functionele analyse van de activiteiten, financiering en band met de overheid.
In veel gevallen zal een vzw slechts onder de wet vallen wanneer er een duidelijke structurele overheidsinvloed bestaat. Zonder die band blijft de organisatie in principe buiten het toepassingsgebied, al kunnen specifieke projecten toch aan de regelgeving onderworpen zijn.
Twijfelt u of uw vzw onder de regelgeving inzake overheidsopdrachten valt? Of heeft u begeleiding nodig bij het organiseren van een plaatsingsprocedure?
Aarzel dan niet om vrijblijvend contact met ons op te nemen!
Wij lichten graag toe wat in uw situatie van toepassing is en bekijken samen hoe we u hierbij kunnen ondersteunen.



